Rellen In Brussel

Inleiding


Brussel is al een tientallen jaren het toneel voor verschillende rellen, meestal rellen waarbij allochtone jongeren betrokken zijn. De gemoederen lopen vooral snel op in de gemeenten Anderlecht en Sint-Jans Molenbeek. De leeftijdscategorie van de relschoppers bevind zich bij de jonge adolescenten.

Sinds de jaren 2003 zijn er op regelmatige basis rellen uitgebroken met steeds een andere oorsprong. Zo werd er eens in de wijk kuregem een bom gevonden. Er werd gevreesd voor een aanslag omwille van de Irakeese kwestie. Er was een zekere spanning, maar de rellen bleven omwille van verhoogd toezicht uit. In 2005 was er het gerucht dat een Turkse jongen dood was, Molenbeek veranderde in een slagveld omwille van de rellen. Het aantal slachtoffers bleef beperkt.

Pas in 2008 zien we voor het eerst dat de grotere middelen worden boven gehaald. Er wordt een bus op lijn 46 Kuregem aangevallen met een molotov cocktail. De politie vreest een wraakactie voor een eerdere controle op deze lijn. Twee dagen later wordt een chauffeur gemolesteerd met een ijzeren staaf, de dader wordt meteen gevat. De bal gaat pas echt aan het rollen in 2009. Eerst is er een aanvaring met brusselse hooligans, een week spanningen gaan vooraf, politie stond machteloos tegenover deze confrontatie.

Op 10januari komt het tot een eerste confrontatie tussen politie en de allochtone jongeren. Na een betoging tegen de situatie rondom de gazastrook komt het tot een treffen aan het noordstation. Gevolg van deze ravage was vernieling van auto's, winkelruiten, bushokjes… Meer dan 100 jongeren werden administratief of gerechtlijk aangehouden.

De grootste problemen vinden we terug in de maand september 2009. Nadat een man met een kalasjnikov op de politie vuurt. De aanleiding was een controle van de auto. Drie dagen later worden er weer verschillende vuurwapens gevonden. Ditmaal in de buurt van het Albert I plein in Anderlecht. De vondsten werden telkens voor afgegaan met schietpartijen.

We kunnen dus besluiten dat de oorsprong van de rellen niet te vatten valt in één simpele oorzaak. Het is vaak het samenvallen van verschillende factoren die ervoor zorgt dat het komt tussen spanningen. In september bereikte de rellen en spanningen hun piek, de opeenstapeling van verschillende oorzaken deed de emmer overlopen. Tot zover een korte weergave van de feiten.

large_398666.jpg

Overzicht


Brussel wordt al jarenlang regelmatig opgeschrikt door rellen, vaak met jongeren van allochtone afkomst. Vooral in Anderlecht en Sint-Jans-Molenbeek kunnen de gemoederen snel oplopen. Een overzicht van de recente opstoten.

Op 27 maart 1992 breken rond het Alfons Lemmensplein zware rellen uit. In de uren die volgen, breidt het geweld zich uit over Anderlecht, Sint-Gillis en Molenbeek. Op 9 april van dat jaar wordt op datzelfde plein een brand aangestoken. De politie vond vijf molotovcocktails. De onlusten houden enkele dagen aan. In mei worden ook de Brusselse gemeenten Vorst, Schaarbeek en Sint-Joost-ten-Node geplaagd door onrusten en rellen.
Op de kermis van de Anderlechtse wijk Het Rad wordt een jonge Belg neergestoken. Enkele dagen is de wijk het decor van straatgevechten. Er wordt gevochten met honkbalbats, hockeysticks en messen.

Het gerucht van de dood van een jonge Turk maakt in april 2005 van Molenbeek een slagveld. Een cameraman van TéleBruxelles raakt gewond. De jonge Turk blijkt achteraf alleen gewond te zijn. Een jaar later wordt een Joegoslaaf doodgeschoten in Molenbeek. De gevreesde rellen blijven uit.
Nadat op 7 november 1997 de drugsdealer Saïd Charki door de politie doodgeschoten is, breken op het Baraplein rellen uit. Ze houden enkele dagen aan. De materiële schade in de wijk is groot.

In maart 2003 wordt in Kuregem een bom gevonden. Onder meer vanwege de crisis in Irak wordt gevreesd voor rellen. Het blijft een tijdje gespannen, maar het blijft rustig.

Op 18 maart 2008 gooien jongeren een molotovcocktail naar bus 46 in Kuregem. Niemand raakt gewond. De politie spreekt van een wraakactie na controles op zwartrijden in het metrostation Sint-Guido, enkele dagen voordien.Twee dagen later vernielen onbekende stenengooiers de zijruit van bus 75 in de Bizetwijk en belaagt een man de stuurcabine van de buschauffeur op lijn 46 met een ijzeren staaf na een dispuut. De politie arresteert de dader.

In het centrum van Anderlecht gaan migrantenjongeren en hooligans op 23 mei 2008 met elkaar in de clinch, na een week van spanningen.
Na een grote betoging in Brussel tegen het geweld in de Gazastrook op 10 januari 2009 komt het aan het Noordstation tot spanningen tussen de politie en allochtone jongeren. Die richten een ravage aan in de Albert II-laan, waarbij de ruiten van auto's, bushokjes en kantoorgebouwen sneuvelen. . De politie bracht een waterkanon ter plaatse en boven de wijk cirkelde een politiehelikopter. Een hondertal personen wordt gerechtelijk of administratief aangehouden.

29 augustus 2009: voor de tweede dag op rij breken in Molenbeek rellen uit tussen jongeren en de politie. Een honderdtal jongeren klautert over de omheining van een flatgebouw in de Ribaucourtstraat, vernielt er deels de inkomhal en steekt de auto's van enkele bewoners in brand. Twee buurtbewoners en een politieman raakten daarbij licht gewond.

Intussen stelt de politie in Kuregem een nieuwe rage vast: jongeren knippen de elektriciteitsdraden van de straatverlichting door.
Op 4 september 2009 vuurt een man in Kuregem met een kalasjnikov-machinegeweer op de politie. Het incident gebeurde toen een politiepatrouille de bestuurder van een wagen wou controleren.

7 september 2009: voor de tweede opeenvolgende nacht heeft de politie van de zone Brussel Zuid vuurwapens op straat gevonden, in de buurt van het Albert I-plein in Anderlecht. Zondagnacht ging het om een kalasjnikov, die na rellen met jongeren moest achtergelaten worden, maandagnacht ging het opnieuw om een kalasjnikov, naast een riot-gun, een revolver en een achttal molotovcocktails. De vondsten werden telkens voorafgegaan door een schietpartij.

Nadat de politie op 17 september 2009 een minderjarige arresteerde, komt het aan het politiecommissariaat in het centrum van Molenbeek tot spanningen. Bij de rellen raken negen politieagenten gewond. Tien politiewagens raakten beschadigd. Ook rond de Ribaucourtstraat komt het opnieuw tot onlusten.

bron: Het nieuwsblad

Oorzaken


Volgens gemeenteraadslid Vandenbossche W (cd&v) is armoede geen misdrijf maar gedijt misdaad wel in armoede. Criminelen misbruiken de zwakte van de bevolking om er massaal illegale praktijken te ontplooien.
De verantwoordelijkheid voor het gevoel van straffeloosheid bij steeds weer nieuwe en jongere groepjes allochtonen ligt bij de politieke bestuurders die de potentiële no-gozones in het hart van hun gemeente al jarenlang opgegeven schijnen te hebben. Politie durft hier als het war niet meer komen. In de politie zijn heel weinig personen van allochtone afkomst en tevens is de politie te weinig aanwezig in de buurten. Het gevoel van wetteloosheid heeft ook gevolgen voor het sociaal buurwerk. Als de moeilijkste gevallen weten dat toch niemand hen wat kan maken waarom zouden ze dan een straathoekwerker serieus nemen.
Er ontstaat een groeiende kloof in Brussel tussen jongeren die wel alle kansen hebben en krijgen en een groep van allochtone jongeren zonder enig toekomstperspectief. Die voelen zich slechter en slechter en gaan zich radicaler opstellen en nog meer in zichzelf terugplooien. Noch de ouders noch de school kan hen een toekomstperspectief aanbieden. De ouders weten immers ook niet meer goed hoe ze moeten opvoeden en voelen zich ook geviseerd. Hoe kan je een jongere blijven motiveren als hij na een zoveelste sollicitatiebrief weer geen antwoord krijgt.
Er situeert zich dus een groot probleem op vlak van de scholing. Meer dan een kwart van de jongeren in Brussel haakt vroegtijdig af. Allochtone jongeren bevinden zich verhoudingsgewijs ook meer in de ‘lagere’ richtingen en blijven sneller een jaar zitten. De betrokkenheid van de ouders bij de school is soms heel klein.
Spijbelen wordt als een van de oorzaken van mogelijk delinquent gedrag volgensBrussels sp.a- parlementslid Fouad Ahidar. Het parket van Brussel vindt dit blijkbaar niet belangrijk genoeg en ontloopt haar verantwoordelijkheid. Voor het parlementslid is spijbelen een groot probleem, dat dringend moet worden aangepakt. Het leidt tot schoolachterstand, maar sommige jongeren die de hele dag op straat rondzwerven, gaan ook over tot vandalisme en delinquentie, stelt hij vast. Volgens hem zouden er zo’n 800 hardnekkige spijbelaars zijn in Brussel. De stepping Stone theorie geldt ook in de straatcriminaliteit: die spijbelaars gaan altijd een stapje verder, worden straatboefjes en maken zo carrière op de criminele markt. Straatcriminelen rekruteren immers hun hulpjes onder de spijbelaars want die hangen daar toch maar de hele dag rond. Ze leren snel geld te verdienen door wat te stelen of wat drugs te verhandelen en voor je het weet zijn ze verstoken van de reguliere arbeidsmarkt. Ze kunnen geen gewoon werk meer vinden want ze hebben niet geleerd op school. En ze willlen geen gewoon werk meer want ze verdienen meer met louche zaken op straat.
Wanneer een jongere criminele feiten pleegt kan je spreken van een zeker failliet van de opvoeding, volgens psychotherapeute Serneels. Ze stelt dat de opvoeding een gedeelde verantwoordelijkheid is van de ouders en van de gemeenschap. De maatschappij slaagt er niet in allochtone ouders die het nodig hebben daadkrachtiger te maken.
Jongeren worden ook vaak opgehitst door criminelen, die zelf op de achtergrond blijven, om amok te maken. Ze hitsen jongeren op zodat die zeer vijandig staan tegenover de politie. Zo krijgen de agenten snel beledigingen en bedreigingen naar het hoofd geslingerd en meer dan eens zijn het geen woorden meer die door de lucht vliegen maar steentjes of andere projectielen. Komt daarbij dat heel wat van die jongeren zich ook een stoer imago willen aanmeten en daarvoor de politie uitdagen.
Een algemene tendens is dat allochtone kinderen op twee stoelen zitten. Dit vergt een extra inspanning. Als dan de cultuur van thuis er één is waar op neer gekeken wordt door de buitenwereld, is dat extra moeilijk. Dit bemoeilijkt eveneens de identiteitsvorming. Bovendien wordt vaak gemerkt dat ouders door migratie hun ouderrol kwijtspelen. Wie migreert, verliest zijn betekenisverlenend kader. Alle bekende manieren om het leven en de samenleving te decoderen vallen weg, een cultuurschok met andere woorden. Om tocht nog een rol van betekenis te kunnen spelen voor hun kinderen hier, kunnen gemigreerde ouders niet strakker gaan vasthouden aan de waarden van het land van herkomst. Verwenning is eveneens mogelijk wanneer gemigreerde ouders alleen komen te staan voor de opvoeding en zo een schuldgevoel ontstaat daar dit in het land van herkomst opvoeding in groep gebeurd. Het grootste risico is echter dat kinderen de rol van de ouders moeten overnemen. Kinderen integreren sneller in de nieuwe wereld. Zo worden de rollen omgedraaid en verliest de ouder zijn autoriteit. Dit geeft de kinderen een heel onveilig gevoel. De tweede en derde generatie allochtonen hebben vaak zichzelf moeten opvoeden. Enkel wie sterk genoeg is kan doorbreken en het beter doen.
De problemen in Brussel, maar ook in andere grootsteden, hebben diepere oorzaken. Er is jarenlang bewust te weinig geïnvesteerd in minderheden omdat zij geen interessant kiespubliek vormden voor de politici. De wijken waarin ze leefden zijn volledig verpauperd met een steeds groter wordende kansarmoede tot gevolg. Bovendien hebben etnisch-culturele minderheden het sowieso veel moeilijker om zich te bewijzen in onze samenleving op gebied van onderwijs, arbeidsmarkt en woonmarkt. Je kunt niet verwachten dat er geen problemen zijn in wijken waar 60 tot 70 procent werkloosheid is en waar de gezinnen in vervallen huizen moeten leven. Er is een vicieuze cirkel ontstaan waarbij mensen uit een kansarm gezin bijna automatisch zelf vervallen in kansarmoede. Men hoeft echt niet verder te zoeken naar oorzaken voor het geweld. Kansarmoede leidt nu eenmaal sneller tot criminaliteit. Daarmee wil ik het gedrag dat bepaalde jongeren stellen zeker niet vergoelijken, maar het toont wel aan van waar het komt.
De globalisering heeft Brussel volop bereikt. Dat heeft mooie maar ook lelijke kanten. Wie in bepaalde Brusselse wijken komt wonen zal met die facetten van de hedendaagse wereld te maken krijgen, en you like it or you don't like it. Het betekent heel waarschijnlijk dat de breuklijn tussen het leven buiten de grootstad en binnen de grootstad zal toenemen.

Nuancering
De Brusselse relschoppers maken slechts een kleine kern uit volgens Bauwens van D’ Broej(jeugdwerking).Ze krijgen totaal geen plaats in deze maatschappij, zijn zwaar gefrustreerd, maar het gros van hen reageert erg goed op de situatie waarin ze moeten leven. Daarom is het voor hen zeer erg om te spreken van een verloren generatie. Echter een andere opinie van een Marokkaanse verklaart het volgende. Ze erkent dat de criminele feiten worden gepleegd door een kleine kern maar een groeiend deel van de jongeren wordt wel aangesproken door de rellen. Vroeger had men minder vaak incidenten terwijl nu de rellen in sneltempo elkaar opvolgen.

Concrete aanleidingen


  • Gebeurtenissen in de Islametische wereld, bv in Gaza.
  • Acties door de politiediensten, doodgeschoten cirmineel na achtervolging
  • Uitspraken door (racistische) voetbalsupporters van voetbalclub RSC Anderlecht
  • Rapport van de Commissie van Toezicht over het hardhandige optreden van de politie in de gevangenis van Vorst. Politieagenten zouden verschillende gevangenen geslagen en vernederd hebben

Aanpak


Nultolerantie.
Sinds de invoering van de nultolerantie in de Anderlechtse wijk Kuregem is de straatcriminaliteit gedaald met ruim 30% in de eerste vier maanden van dit jaar.
De operatie kreeg de naam ‘Octopus’, dit is een samenwerkingsverband tussen Binnenlandse Zaken, het parket van Brussel, Politiezone Zuid en de federale politie. Sinds de inwerkingtreding van dit plan zijn er meer agenten op straat, zowel overdag als ’s nachts, die meteen optreden bij incidenten. Ze voeren echter geen systematische identiteitscontroles uit.
Deze aanpak werpt vruchten af. In de eerste vier maanden telde de politie 386 gevallen van straatcriminaliteit vast terwijl dit voor dezelfde periode vorig jaar 30% hoger lag, 559 feiten. De daling is vooral vast te stellen bij de zichtbaarste vormen van criminaliteit. Het aantal diefstallen van(42, -31%) als in(153, -48%) auto’s , sackjackings(61, -34%) en gewapende diefstallen met geweld(19, -17%) werden teruggedrongen.
Volgens minister van Binnenlandse Zaken Annemie Turtelboom komt dit door de grotere aanwezigheid van blauw op straat. Ze beklemtoont dat de nultolerantie blijft duren zolang als nodig. Volgens de Anderlechtse burgemeester Van Goidsenhoven is de daling van de criminaliteitscijfers een belangrijke stap in de normalisering van de levensomstandigheden maar toch mag niet te vroeg victorie gekraaid worden.
Belangrijk is echter wel dat op het politieoptreden een straf volgt, anders heeft deze politionele inspanning weinig zin.

brussel11.gif

Multidisciplinaire aanpak
Criminele organisaties leven van parallelle economieën. Daarom moeten ook de fiscus, brandweer en de sociale inspectie in de toekomst regelmatig controles houden. Men moeten hele bendes aanpakken. Van de grote vissen tot de poetsvrouw. Ze moeten tevens geraakt worden in de plaats waar het hen het meest pijn doet, de opbrengsten.

Eenmaking van de Brusselse politiezones
Een van de voorstellen op de politie agenda, gesteund door CD&V en NVA was de eenmaking van de zes Brusselse politiezones. Op deze manier zou efficiënter moeten kunnen gewerkt worden en zou er meer blauw op straat moeten kunnen komen. De rellen tonen volgens sommigen immers aan dat de lokale besturen onmachtig zijn om accuraat te reageren in crisissituaties en de politiediensten te versnipperd werken. Men hoopt op één hoofdstedelijke politiezone met diverse antennes per gemeente. Dit moet het mogelijk maken flexibel om te gaan met wijkgebonden problemen als internationale tops en manifestaties.
"Ik denk dat we de bestuurlijke organisatie van Brussel enigszins moeten herdenken, een soort van Brussel DC, naar analogie met Washington en andere grote steden die een heel specifieke bestuursstructuur hebben", vindt De Ruyver. Dit laat toe om de problemen die zich stellen en die toch heel specifiek zijn - de rol van Brussel is heel specifiek - aan te pakken met een aangepast bestuur en een aangepaste financiering.

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License